Onbevangenheid

Hoe minder verklaringen, hoe opener je het houdt. Hoe luchtiger en des te dichter je bij de echte bron zit. Het leven onbevangen tegemoet treden levert vrijheid op. Levert bewegingsruimte op. Hoe meer verstarring des te meer een mens zichzelf in z’n denken gevangen zet. Levensspanningen. Je verliest soepelheid in denken en zijn.   Bevangenheid  levert meestal een moeten op. Het levert veelal een dogma op. Daarmee wordt het stug en veroorzaakt oordelen en veroordelen.


Onbevangenheid

Waarom is in religie onbevangenheid zo belangrijk?
Ik denk dat het goed is dan eerst te kijken naar wat onbevangenheid is.
Onder onbevangen begrijp ik zuiver; oprecht; frank; autonoom.
Leven vanuit het bestaansmysterie en ons bevrijden van het juk van drukkende overtuigingen.

Onbevangenheid kun je formuleren als het onbevooroordeeld kijken.
Blijft de vraag wat het belang daarvan is.
Waarom kunnen we de werkelijkheid nooit volledig écht kennen?
Onze waarneming is vervormd. Is niet volledig juist. Zit er soms helemaal naast. 
Het beeld dat in je hersenen ontstaat is een interpretatie van wat zich daarbuiten afspeelt.


De mens heeft vanuit die interpretatie van z'n waarnemingen (schijn)antwoorden geformuleerd op bestaansvragen.
Die antwoorden zijn in allerlei vormen van religie terecht gekomen.
Eigenlijk zijn die antwoorden daarmee in werkelijkheid Religieus geworden. Het zijn immers alleen maar interpretaties.
Iedere vorm van kijken is subjectief.
Door deze subjectiviteit benader je je waarnemingen van de werkelijkheid als ge-kend
Je gaat daarmee onachtzaam met de werkelijkheid om. 
Terwijl de werkelijkheid hooguit be-kend voor je is. De werkelijkheid is hypercomplex, waarvoor taal tekortschiet.

Werkelijkheid blijft daarmee, denk ik, een mysterie.
Een mysterie dat je beter heel kunt houden, door er geen absolute verklaringen over te doen.
Die verklaringen kunnen afbreuk doen aan wat ‘werkelijk’ is.
Ikzelf zie het zo: Begin met je mond houden.
Begin te beseffen dat je niet de hele waarheid kent.
Ik hanteer hiervoor de eerste tao van Lau Tze:
"Elke tao die benoemd kan worden, is niet de echte tao.”
 Dit betekent voor mij wel dat je mag en misschien zelfs ‘moet’ zoeken naar antwoorden, echter wel in het besef van de beperkingen die dat zoeken met zich mee brengt.

Dit betekent vaak het loslaten van eerdere overtuigingen.
Vanwaar dit belang van loslaten?
Bombardeer je overtuigingen tot waarheid dan krijg je een systeem dat vervolgens weer problemen opleveren kan. “Oude waarheden” gelden misschien zelfs al ‘heilig’. Op zich wellicht geen probleem, tenzij zo’n houding, zo’n idee een mens problemen begint op te leveren.
Daar komen we dan op het besef van het belang van onbevangenheid.
Zodra het wereldbeeld van een mens hem problemen oplevert zet hij zichzelf daarmee
gevangen.

In een hulpverlenings-praktijk probeer je dit door theoretische initiatie duidelijk
te maken. Uit te leggen dus dat je dezelfde werkelijkheid heel makkelijk ook
op een andere manier verklaren kunt. Sterker nog, dat er eigenlijk geen geldende, blijvende,  verklaring van de werkelijkheid is.
Stilstaan, anders leren kijken opent een poort naar een ‘nieuwe’ werkelijkheid.
Niet echt nieuw, je kijkt alleen anders en ziet daardoor iets anders en krijgt men ruimte voor het mysterie van de werkelijkheid.

Praktisch gezien gaat het om loslaten van eerdere overtuigingen.
Vanwaar dit belang van loslaten?
De mystici hebben ons al gewezen op het belang/besef dat je geen antwoord moet geven.
Eén ervan ‘Meister Eckhard’ formuleerde het zo: God is zo groot dat je er niets over zeggen moet; elke uitspraak die je over God doet, doet hem tekort. (Geen letterlijk citaat!).
Door te leven vanuit dit bestaansbesef, wordt het bestaan in werkelijkheid rijker. Rijker,
omdat een antwoord een beperking inhoud. Prof. van Essen meent daarom dat onbevangenheid de best denkbare bestaanshouding is. Een houding die volgens hem echte religie is.

Waarom lukt zo’n houding zo moeilijk?
Volgens Prof. van Essen ligt de bron ervan in de existentiële bestaansangst.
Die angst levert mensen onzekerheid op. Bestaansangst, bestaansvrees.
Godsdienst en wetenschap proberen een antwoord te geven op de existentiële angst, bestaansangst, van de mens.

Ik denk dat we meer vanuit het bestaansmysterie moeten leven.
In een onbevangenheid. In een besef dat ons waarnemen beperkt en subjectief is.
Ons zo kunnen bevrijden van drukkende overtuigingen en daarmee ruimte krijgen het mysterie te aanvaarden en te beleven. Hierdoor krijgt het leven een diepere dimensie.
Misschien lukt het ons om de mens die levensproblemen ervaart hier iets van over te
dragen en hem te bevrijden van het juk van drukkende overtuigingen.

Arnold Spijker

© Arnold 2019